Tessel viert Sint-Maarten

Auteur:

Marianne Witte

Illustrator:

Monica Maas

Vertaler:
Aantal pagina's: 26
Jaar: 2016

Recensie

11 november is het feest van Sint-Maarten. Dat vieren kinderen. Ze lopen langs de huizen met lampionnetjes en ze zingen aan de deur. Dan krijgen ze snoepgoed of een klein presentje. Tessel leert op school over Sint-Maarten. Ze heeft net als Sint-Maarten een mooie nieuwe rode jas. s' Avonds mag ze met haar vriendjes zingen in het dorp. Maar Tessel wil ook verder op de dijk gaan zingen bij het huisje van Meneer Bloem. Bij hem komt nooit iemand langs. Meneer Bloem geeft dan wel geen snoepgoed, maar hij is wel lief. Hij brengt de kinderen in zijn bakfiets terug naar huis.

Het verhaal van Sint-Maarten zit mooi verwerkt in het prentenboek. De juf vertelt het op school en de nieuwe rode jas biedt Tessel een herkenningspunt. Dat ze spontaan haar snoep deelt met meneer Bloem toont dat ze de boodschap begrepen heeft.

In de sfeervolle prenten van Monica Maas spelen licht en donker een belangrijke rol. De warme gloed van de kleurige lampionnen zorgt voor gezelligheid in het dorp.

Rita Ghesquiere

Leuke weetjes

De liedjes uit dit prentenboek zijn wellicht beter bekend in Nederland dan in Vlaanderen. Ook in Vlaanderen zingen kinderen in vele dorpen voor Sint-Maarten. Een bekend Sint-Maartenliedje uit West-Vlaanderen klinkt als volgt:

Sinte Maartens avond
De sterren gaan mee naar Gent
En als ons moeder wafels bakt
Dan zitten wij daar omtrent
Stookt vier(vuur)maakt vier(vuur)
Sinte Maarten komt alhier
Met zijne blote arme
Hij zoud' hem zo gerne (gaarne) warmen (..)

In Vlaanderen maken kinderen voor het Sint-Maartenfeest ook lampionnen door een suikerbiet uit te hollen en er een kaarsje in te steken.

In sommige streken in Vlaanderen (regio Ieper en Aalst) is Sint-Maarten de geschenkenbrenger. Hij krijgt daar de rol van sinterklaas. Sint-Maarten en Sint-Nicolaas zijn twee winterheiligen. Hun feestdagen liggen dicht bij elkaar en het zijn allebei milde gevers.