Haast

Auteur:

Stéphane Servant

Illustrator:

Rébecca Dautremer

Vertaler:

Ed Franck

Aantal pagina's: 64
Uitgever: Davidsfonds/Infodok
Jaar: 2019

Recensie

Haast, het nieuwste boek van de Franse illustratrice Rebecca Dautremer, roept herinneringen op aan haar vorige boek De rijke uren van Jacominus Gainsborough. Hoe verschillend de boeken ook zijn, beide zijn er duidelijk op gericht de lezers en kijkers te doen nadenken over het leven. Beide vragen ze dan ook heel wat van de lezer. Het woordgebruik noch de gedachtegang zijn eenvoudig. Bovendien lopen tekst en illustraties niet altijd parallel en moet je geregeld zelf verbanden leggen of terugbladeren. Sommige prenten zijn ook best akelig. Vooral Einde is monsterachtig neergezet. Toch bevatten de illustraties meer dan voldoende magie om ook kinderen vanaf zo’n jaar of vijf te fascineren. Vooral de absurde, ongerijmde humor kan hen aanspreken.

Haast is voor niemand bang, behalve voor Einde, die hem voortdurend probeert in te halen. Op een ochtend loopt hij tegen Berg aan. Ook die is bang voor Einde, maar in plaats van te rennen blijft hij roerloos staan, in de hoop dat Einde hem niet als opmerken. Omdat Haast niet verder kan, tilt hij Berg uiteindelijk op zijn rug en holt hij zo verder. Het ondenkbare gebeurt: ze worden verliefd en er komt een kind van, het kind Nu, dat Einde vrank en vrij tegemoet treedt. Daardoor overwint de lach de angst, wat Dautremer indrukwekkend in beeld brengt. Nu leert Berg en Haast hun eerste pasjes aan, waarbij de relatie kind-volwassene op zijn kop gezet wordt en de lezer een les in onthaasting meekrijgt: ‘Ze liepen zonder zich te haasten, om van de tijd die voorbijging meer te genieten, om de tijd die nog overbleef meer te waarderen, zonder zich zorgen te maken over Einde die hen op een dag zou inhalen. Toch krijgt Einde het laatste woord, zoals dat hoort bij het leven …

Doet de filosofische tekst van Stéphane Servant je nadenken, de illustraties van Rébecca Dautremer doen je anders kijken: intens, met toenemende verwondering en wisselende emoties. Wonderlijk is hoe ze daarbij maar enkele kleuren nodig heeft: ze werkt met vooral zwart en grijstinten op een beige achtergrond, met soms wat rood. De meeste prenten nemen een dubbele of enkele pagina in beslag, al dan niet met een smalle lijst die ze op oude foto’s doet lijken. Ze worden afgewisseld door reeksen kleine prentjes als afzonderlijke mini-verhaaltjes, zoals dat over de hoed van Haast die een vogelnest wordt. De illustraties versterken ook de cirkelstructuur van het verhaal: waar Haast bij het begin als het ware uit het stof opduikt, keert alles op het einde tot stof terug.

Jan Van Coillie