Fabeldieren

Auteur:

Floortje Zwigtman

Illustrator:

Ludwig Volbeda

Vertaler:
Recensie thema's: 
Leeftijd: 
Trefwoorden: 
Aantal pagina's: 96
Uitgever: Lannoo
Jaar: 2017

Recensie

Fabeldieren is zonder meer indrukwekkend. Het grote formaat, de titel in gouddruk en de drakenkop die je bezwerend aanstaart op de kaft doen het boek meteen in het oog springen.
Waarom fabelwezens blijven aanspreken, wordt duidelijk uit het motto van Mary Hoffman: hun verhalen leren ons iets over de menselijke geest en dus over onszelf. Hoe verschillend de wezens er in de verschillende continenten ook uit zien, uiteindelijk gaan hun verhalen over diepmenselijke angsten en verlangens of proberen ze antwoorden te bieden op universele vragen. De Griekse Lamia is al evenzeer een kinderverslindster als de Russische Baba Yaga. De Japanse kitsune is even verleidelijk als de Marokkaanse Aisha Qandisha. De Afrikaanse fabeldieren als de spin Anansi of de mysterieuze kameleon bieden antwoorden op vragen die mensen zich overal ter wereld stellen: ‘Waarom moeten mensen sterven?’ Of ‘Waarom is de wereld zoals hij is?’ Sommige wezens mengen elementen uit verschillende culturen zoals de plagerige Saci Pererê uit Brazilië, met zijn Indiaanse paradijsvogelstaart, zijn donkere, Afrikaanse huid en zijn Europese muts en pijp.
De verspreiding van de fabelwezens over de wereld blijkt meteen uit de originele inhoud in de vorm van een wereldkaart, waarop de hoofdstukken met pijltjes verbonden zijn met verschillende regio’s: van de trolkatten en weerberen uit het Hoge Noorden tot de Australische fabeldieren van steen en water, van de djinn uit de Islamitische wereld tot de ‘broeders met een andere jas’ van de Pool. In de vier hoeken staan de titels van de hoofdstukken over de fabeldieren van de lucht, de zee, de kosmos en het vuur (de draken uit Oost en West). Wel miste ik een alfabetische index en een bronnenlijst.
De namen zijn vaak even wonderlijk als de wezens zelf: de Mahaha, die poedelnaakt en gierend van de lach over de poolvlakte zwerft, de Pangkalrangu, een menseneter uit de Australische woestijn, die verzot is op baby’s of de Kayeri uit Colombia, reusachtige, sponsachtige wezens met platvoeten. Floortje Zwigtman beschrijft ze nuchter maar wel levendig en beeldend, met sprekende details waardoor je je ongeloof opschort. De alicante uit Chili bijvoorbeeld is verzot op edelmetalen, ‘die diep in de Chileense bergen te vinden zijn.’ Na een stevige maaltijd is hij zo zwaar dat hij niet meer kan opstijgen. Daarbij spreekt de verteller de lezer geregeld aan met vragen en antwoorden: ‘Ruim je helemaal nooit op? Dan kun je nog meer yokai in je huis verwachten.’ Behalve de uitleg bij de fabelwezens geeft Zwigtman ook allerlei weetjes mee en verhalen met wonderlijke titels als ‘Over Kraai en de zwangere mannen’ of verklarende sprookjes als ‘Hoe het komt dat je overal ter wereld wijsheid kunt vinden.’ Af en toe is de toon luchtig, bijvoorbeeld wanneer ze raad geeft over het kussen van een trol of EHBD (eerste hulp bij draken).
Oogverblindend zijn de illustraties van Ludwig Volbeda. In zijn typische stijl met talloze kleine pennentrekjes geeft hij de mythische wezens reliëf en karakter. Hij kiest bewust voor een beperkt kleurenpalet met overwegend groen en bruin, dat hij echter in vele tinten uitwerkt. Ook de decors zijn schitterend, zoals de huizen in het Japanse dorp waartussen een optocht van fabelwezens als een geheimzinnige wolk zweeft of de rijk versierde poort waaronder de domovoi staat. Ook Volbeda zorgt af en toe voor een grappige noot die de afgrijselijke wezens soms iets menselijker op minder beangstigend maakt: zo lijkt een van de trollenhoofden verdacht veel op dat van Trump.
Fabeldieren is een fabelachtig mooi boek over wezens die tot de verbeelding blijven spreken, niet in het minst omdat ze universele emoties en vragen in zich dragen. Auteur en illustrator slagen er op wonderlijke wijze in om lezer en kijker gefascineerd te houden.

Leuke weetjes

Floortje Zwigtman maakte vooral naam met haar trilogie Een groene bloem, die speelt in Londen op het einde van de negentiende eeuw, in de tijd van Oscar Wilde. Voor het eerste deel, Schijnbewegingen kreeg ze in 2006 de Gouden Uil en de Gouden Zoen. Ook haar tweede boek, Wolsfroedel, won een Gouden Uil.
Ludwig Volbeda won in 2017 de internationale illustratieprijs van Bratislava voor zijn illustraties in het prentenboek De vogels (tekst van Ted van Lieshout). Ook de illustraties in Hoe Tortot zijn vissenhart verloor (tekst van Benny Lindelauf) kregen veel media-aandacht.